Praktische tips

Een aantal praktische tips per onderdeel

Ondervloer / fundering Plaats uw bouwwerk nooit direct op gewone grond. U heeft een stabiele, vlakke, waterpasse ondergrond nodig. Wat kunt u wel gebruiken: Betonnen vloerplaten, die meteen als vloer kunnen dienen. Graaf de oppervlakte ca. 8-10 cm uit, leg er kunststoffolie in en stort het beton erop. Het gebruik van een krimpnet is aan te bevelen. Een betegelde ondervloer, bijvoorbeeld grote betonnen tegels van 60x60 cm. Leg deze op een laag gestabiliseerd zand (10-20 cm) en sluit de tegels op met trottoirbanden. Wilt u een houten vloer, gebruik dan als ondergrond betonblokken gebruiken die er voor zorgen dat het bouwwerk iets boven de grond staat. Zo heeft u minder last van optrekkend vocht en heeft u een goed geventileerde vloer. Zet de blokken op wat gestabiliseerd zand of beton met daaronder een laag grind van 10-20 cm. ook rechte en vlakke bielzen van hardhout of beton zijn zeer geschikt. Zorg dat ze niet kunnen kantelen en goed stabiel in de grond liggen zijn. Zet bielzen aan de binnenzijde van de fundering met een piket vast in de grond zodat ze niet kunnen verschuiven. Fundering: Bedenk vooraf of en waar u water- en elektraleidingen wilt leggen. Tril de ondergrond zorgvuldig aan om te voorkomen dat de fundering later alsnog kan verzakken. Zorg dat de fundering iets kleiner is dan het bouwwerk. Zo heeft u minder of geen last van regenwater. Zorg dat het bouwwerk iets hoger staat dan het maaiveld om wateroverlast te voorkomen. Wandbalken Zet uw bouwwerk op fundamentsbalken (afwateringsprofielen) in plaats van rechtstreeks op de fundering. Zo spaart u uw houtwerk. Hout Geef hout de ruimte om te werken (krimpen en uitzetten). Overig Plaats dakgoten om het regenwater op te vangen of gecontroleerd af te voeren. Opspattend regenwater voorkomt u door rond uw bouwwerk grint te leggen.